Triggers zijn stimuli in de omgeving die mensen eraan herinneren aan gerelateerde dingen te denken. Zonder triggers blijven ideeën ‘Top-of-Mind’ (toegankelijk) en worden ze ‘Tip-of-Tongue’ (besproken).
Interessante, opmerkelijke producten (zoals Disney World) genereren veel onmiddellijke mond-tot-mondreclame. Maar alledaagse, vaak getriggerde producten (zoals Cheerios) genereren meer voortdurende mond-tot-mondreclame omdat mensen ze constant in hun omgeving zien. Ziploc-zakjes en moisturizer worden vaak besproken omdat ze gekoppeld zijn aan dagelijkse routine.
Actiepunten:
1. Koppel aan frequente signalen (Habitats): Zorg ervoor dat je idee of product wordt geactiveerd door frequente signalen in de omgeving van de doelgroep. Kit Kat koppelde zich succesvol aan koffie (‘a break’s best friend’). Koffie is een zeer frequente trigger gedurende de dag, wat de verkoop van Kit Kat met een derde deed stijgen.
2. Timing is Cruciaal: De effectiviteit van de trigger hangt af van het tijdstip en de plaats waarop deze voorkomt. Een anti-slipslogan is nutteloos als je er in de badkamer aan denkt, maar het badmatje pas in de winkel kunt kopen. De Rebecca Black-hit ‘Friday’ was een succes omdat de naam van het lied elke week op vrijdag een sterke, natuurlijke trigger was, wat leidde tot zoekpieken op die specifieke dag.
3. Kies originele en relevante triggers: De frequentie van de trigger moet in evenwicht zijn met de sterkte van de koppeling. De kleur rood is een zwakke trigger omdat deze met te veel dingen wordt geassocieerd (liefde, Coca-Cola). Een nieuwe, originele en relevante link is effectiever.
4. Gebruik concurrenten als triggers (‘Poison Parasite’): Als je tegen een grotere concurrent vecht, kun je hun boodschap omvormen tot een trigger voor de jouwe. Een antirookcampagne parodieerde bijvoorbeeld Marlboro-advertenties, waardoor mensen bij het zien van de Marlboro-reclame aan de antirookboodschap dachten.