De overige drie stappen van de STATE-methode (de “hoe”-vaardigheden) helpen je om je boodschap over te brengen met respect en nederigheid, en nodigen de ander uit om het gesprek aan te gaan.
3. A – Ask for others’ paths (Vraag naar het pad van de ander): Nadat je je feiten en je verhaal hebt gedeeld, toon je nederigheid door de ander oprecht uit te nodigen zijn of haar perspectief, feiten en verhaal te delen. Als je doel is om de beste beslissing te nemen (en niet om te winnen), moet je bereid zijn om te luisteren en je eigen verhaal aan te passen op basis van nieuwe informatie. Vraag expliciet: “Wat mis ik hier?” of “Ziet iemand dit anders?”.
4. T – Talk tentatively (Spreek voorlopig): Presenteer je verhaal als jouw interpretatie of mening, niet als de absolute waarheid. Gebruik verzachtende taal zoals “Ik begin me af te vragen of…”, “In mijn opinie…” of “Misschien is het zo dat…”. Hoewel je overtuigd bent van je mening, helpt deze voorlopige benadering de defensiviteit te verminderen en maakt het veilig voor anderen om tegenstrijdige standpunten te delen. Wees echter niet te vaag of “wimpy” (zwak), want dat ondermijnt de boodschap; blijf zelfverzekerd in het uiten van je standpunt.
5. E – Encourage testing (Moedig testen aan): Maak duidelijk dat je echt wilt dat de ander jouw ideeën uitdaagt, ongeacht hoe controversieel hun standpunt is. Als de ander aarzelt, herbevestig dan dat je alle inzichten waardeert. Je kunt zelfs ‘advocaat van de duivel’ spelen om het testen te stimuleren, door zelf een mogelijke tegenwerping te noemen. De enige beperking op hoe sterk je je mening kunt uiten, is je bereidheid om anderen even krachtig aan te moedigen deze aan te vechten.