Je lichaam is voortdurend bezig met aanpassen en veranderen; de bewegingen tussen de bewegingen zijn cruciaal. Vaak worden we pas bewust van onze houding of beweging wanneer we op een vaste plek zijn (zoals in de sportschool). De manier waarop je overgaat van de ene naar de andere positie (transities) weerspiegelt de effectiviteit van je bewegingspatrone.
Actieplan:
1. Mindful van Transities: Let bij het uitvoeren van oefeningen of dagelijkse taken op de bewegingen tussen de bewegingen. Bijvoorbeeld, wanneer je opstaat uit een stoel (Chair Squat), let dan op of je niet onnodig zwaait of momentum gebruikt om overeind te komen.
2. Oefen de Flow: Gebruik ‘exercise flows’ (zoals de Restorative Flow of de Foundational Strength Flow) om gewrichten (enkels, knieën, heupen, schouders) geleidelijk te mobiliseren en te versterken. Dit helpt om stijfheid te verminderen, waardoor overgangen soepeler worden.
3. Nieuwe Bewegingstaal: Zie corrigerende oefeningen als het leren van een nieuwe taal. Hoe vaker je ze in je dagelijkse leven toepast, hoe meer je hersenen deze nieuwe, efficiënte bewegingspatronen internaliseren, totdat ze reflexief worden. Dit vermindert de mentale energie die nodig is voor ‘goed’ bewegen.