Twee categorieën zijn berucht om hun weerstand tegen het vreugde-criterium: papieren en spullen met emotionele waarde.
- Paperassen: De vuistregel is: alles wegdoen. Je kunt er immers nooit blij van worden, hoe netjes je ze ook opbergt. Beperk je tot papieren die vallen in de drie categorieën: ‘op het moment in gebruik’, ‘voor beperkte tijd nodig’ en ‘voor altijd bewaren’. De rest kan weg. Zelfs garantiebewijzen voor elektrische apparaten kunnen weg, bewaar ze in één doorzichtige map zonder verdere onderverdeling, want ze worden zelden gebruikt.
- Boeken/Studieboeken: De meest voorkomende reden om boeken te houden is: ‘die ga ik misschien ooit nog lezen‘. Maar uit ervaring blijkt: ‘ooit’ betekent ‘nooit’. Als het je tot nu toe niet gelukt is om het boek te lezen, laat het dan gaan. Het doel van dat boek was je te leren dat je het niet nodig hebt. Houd alleen de boeken waar je echt blij van wordt als je ze aanraakt en ziet.
- Spullen met emotionele waarde (Souvenirs/Foto’s): Deze categorie bewaar je tot het laatst. Door elk emotioneel beladen artikel vast te pakken en te beslissen wat je wegdoet, verwerk je het verleden. Echt dierbare herinneringen zullen nooit verdwijnen, ook al doe je de spullen die erbij horen weg. We leven nu; de vreugde en opwinding die we hier en nu voelen is belangrijker. De ruimte waarin we wonen is voor de persoon die we nu aan het worden zijn, niet voor de persoon die we ooit waren.