Een van de meest gemaakte fouten is opruimen per locatie (bijvoorbeeld kamer voor kamer). Dit leidt tot een vicieuze cirkel omdat mensen hetzelfde soort spullen op meer dan één plek opbergen. Je bent constant hetzelfde werk aan het herhalen en verliest het overzicht van de totale hoeveelheid die je bezit.
Om dit te vermijden, moet je altijd in categorieën denken. Verzamel alles wat in dezelfde categorie valt en leg ze op één plek op de grond. Het zien van deze totale hoeveelheid —vaak twee keer zoveel als je dacht— is vaak al een schok. Door ze aan het daglicht bloot te stellen, worden de items als het ware ‘bewust’ en is het gemakkelijker om te beslissen of ze je iets doen.
Houd je aan de volgende volgorde van categorieën om je besluitvaardigheid geleidelijk op te bouwen, van makkelijk naar moeilijk:
- Kleding: Dit is het makkelijkst om mee te beginnen omdat de zeldzaamheidsgraad laag is.
- Boeken: Alle boeken uit de kasten halen en op de grond leggen.
- Paperassen: Vuistregel: gooi alles weg, behalve wat nu in gebruik is of voor altijd bewaard moet worden.
- Komono (allerhande): Dit is een brede verzameling kleine spullen; sorteer in subcategorieën (bijv. cd’s, elektronica, huishoudelijke middelen).
- Spullen met emotionele waarde: Souvenirs, foto’s en brieven bewaar je tot het laatst, omdat ze het moeilijkst zijn om weg te doen.
Door deze volgorde aan te houden, vlieg je door het werk heen en behaal je snel zichtbaar resultaat.