De combinatie van je gedachten en je gevoelens is je staat van zijn. Om je leven te veranderen, moet je een nieuwe staat van zijn creëren.
Als je denkt op een bepaalde manier, produceert je brein chemicaliën (neuropeptiden en hormonen) die je precies laten voelen zoals je denkt. Vervolgens begint je brein, op basis van deze chemische feedback, te denken op de manier waarop je je voelt. Deze continue cyclus van denken en voelen creëert een feedbacklus: de staat van zijn. Als je bijvoorbeeld consistent negatieve gedachten en gevoelens hebt, verklaar je op den duur: “Ik ben boos” of “Ik lijd”.
Je lichaam moet chemisch geconditioneerd worden naar een nieuwe geest. Je kunt niet op een bewuste, intellectuele manier “positief denken” als je lichaam onbewust het tegenovergestelde voelt. Als de geest en het lichaam in oppositie zijn, zal verandering nooit gebeuren.
Wanneer je in je meditatie erin slaagt om je gedachten (brein) en gevoelens (lichaam) te aligneren, werk je als één. Je bent dan in een nieuwe neurochemische staat. Als je deze nieuwe staat van zijn consistent herhaalt en internaliseert, wordt dit een impliciet onderdeel van je onderbewuste programmering (de cerebellum neemt het over). Dit is het punt waarop de mind en body één zijn, en je nieuwe staat van zijn natuurlijk wordt.