Je hoeft geen grote steden te veroveren om een held te zijn; het overwinnen van je eigen impulsen is een veel grotere prestatie. Karakter is namelijk geen aangeboren talent, maar een verzameling gewoontes die je door herhaling in je zenuwstelsel slijpt. Denk aan de jonge Dwight Eisenhower, die een enorm temperament had, maar van zijn moeder leerde dat hij zijn eigen ziel moest leren beheersen. Hij trainde zichzelf om in het openbaar altijd rustig en positief te blijven, zelfs als hij van binnen kookte van woede of angst.
De hack is om je karakter te zien als een spier die je traint door kleine, dagelijkse daden van zelfbeheersing. Begin met een “vrijwillige oefening” in discipline: ruim je kamer op, houd je aan een belofte ook als het je even niet uitkomt, of spreek formeel en beleefd tegen iemand die je irriteert. Deze kleine daden lijken misschien onbelangrijk, maar ze vormen de basis voor grotere integriteit in de toekomst. Je gedrag moet de deugd voorafgaan: door je goed te gedragen, word je uiteindelijk ook echt goed.
Zie je leven als een proces van vorming waarbij je de “ruwe materialen” van je natuur bijschaaft en polijst. In onze moderne cultuur van “authenticiteit” denken we vaak dat je je eerste impuls moet volgen, maar de geschiedenis leert ons dat je je natuur juist moet begrenzen om diepgang te bereiken. Wees niet bang om een “tweede zelf” te bouwen dat gedisciplineerder en rustiger is dan je eerste, instinctieve zelf. Zelfrespect verdien je niet door intelligentie, maar door morele betrouwbaarheid; het is de wetenschap dat jij in tijden van verleiding op jezelf kunt rekenen.